11 juni 2020 - Gerard Koops

Leestijd: 3 minuten

Eerste tekenen van herstel olie- en gasmarkt lijken in zicht

In de eerste helft van 2020 daalden de gasprijzen en de olieprijzen flink. een flinke overproductie tegenover een lage vraag was voor beide energiebronnen de belangrijkste oorzaak. Maar de oliemarkt lijkt zich nu te herstellen. Hoe zit dat met de gasmarkt?

Herstel oliemarkt

We schreven al eerder over de overproductie van olie.

In het kort: Rusland en de OPEC hadden een conflict over het verlagen van de olieproductie. Als reactie hierop schroefden zowel Rusland als Saoedi-Arabië de productie op, terwijl er al een overschot was. Toen kwam daar nog de coronacrisis bovenop en nam de vraag naar olie flink af.

In april was het overschot aan olie 30 miljoen vaten per dag. Hierdoor daalden de olieprijzen (Brent) onder de 20 dollar en in de VS was zelfs even sprake van negatieve prijzen.

Afspraken landen over olieproductie

Snel daarna kwamen alle partijen min of meer bij zinnen. Een alliantie van OPEC, Rusland en nog wat olielanden (OPEC+) spraken af om de olieproductie te beperken met 10 miljoen vaten per dag. De afspraken staan tot en met juli en tot het einde van het jaar is een iets lagere beperking afgesproken.

Herstel van de economie

Het lijkt erop dat de economie het ergste heeft gehad en we zien wereldwijd de vraag heel langzaam terugkeren. Het begin is er in China, de rest van de wereld volgt langzaam.

De olieprijs steeg weer tot boven de 40 dollar per vat. Een goed herstel. Maar toch is er nog een flink gat tussen vraag en aanbod. Naar verwachting zo’n 10 miljoen vaten per dag. Hierdoor is het nog lastig om op hoger niveau een stabiele olieprijs te handhaven.

Hoe zit het met de overproductie op de gasmarkt?

De gasmarkt werkt anders. Ook hier stortte de vraag flink in, onder meer door het warme weer en de impact van corona op de economie. Er was bovendien veel wind, waardoor er ook vanuit elektriciteitscentrales weinig vraag naar gas was. En ook op de gasmarkt was er een hoog aanbod.

Maar de gasproductie beperken gaat niet zomaar. Dat is simpelweg te duur.

De prijzen daalden namelijk nog niet onder de kostprijs. En de extreem lage prijzen waren maar van korte duur. Het verlies door de overproductie bleef daarom lager dan de kosten voor het afschakelen van de gasproductie.

Vloeibaar gas (LNG) heeft hetzelfde probleem. Afschakelen is te duur. Maar hier gaat ook vaak om langetermijncontracten. Het gas is al eerder verkocht voor een hogere prijs en de afnemer moet maar zien wat hij ermee doet. En eigenlijk hebben deze afnemers maar één reële optie: het gas op de markt zetten.

Ook herstel van de gasmarkt?

Het probleem van het overschot aan gas wordt vooruit geschoven door de bovenstaande aanpak.

Want het hele goedkope gas wordt nu opgeslagen. En dat creëert mogelijk een probleem voor de tweede helft van de zomer. Normaal worden de opslagen dan gevuld, waardoor er vraag ontstaat. Maar als ze vol zitten, valt deze vraag weg.

Er komt wel iets van onderhoud aan, waardoor er wat minder aanbod is. Maar het is de vraag of dat voldoende is om de vraag op te vangen.

Maar de gasmarkt trekt op dit moment wel weer wat aan, hoewel dat nog beperkt is.

Het draait dus, net als bij de olie, om het economisch herstel. En de gasmarkt trekt op dit moment wel weer iets aan, hoewel dat nog heel beperkt is. Het is voor nu in elk geval nog niet genoeg om de prijs weer echt hoger te zetten.