Hydro-elektriciteit in Nederland

Wat is hydro-elektriciteit eigenlijk en is het een goede energiebron? Energie opwekken via water gebeurt al heel lang. Denk maar aan de waterkrachtcentrales in Zwitserland en Noorwegen, en de watermolens in Nederland. Inmiddels zijn de technieken steeds beter geworden. Geven moderne technieken ons meer mogelijkheden om duurzame energie op te wekken via water? We zetten het voor u op een rij.


Wat is hydro-elektriciteit?

Hydro-elektriciteit betekent letterlijk elektriciteit uit water. Vooral in landen met bergen staan veel waterkrachtcentrales. Door de hoogteverschillen stroomt het water met kracht naar beneden. Met die kracht houdt het water het schoepenrad van een turbine in beweging. De turbine wekt elektrische stroom op volgens het principe van de fietsdynamo.




Voordelen van hydro-elektriciteit

Hydro-elektriciteit heeft een aantal grote voordelen:

Nadeel van hydro-elektriciteit

Helaas heeft hydro-elektriciteit ook nadelen. Het belangrijkste nadeel is dat vroeger bij een waterkrachtcentrale vaak een stuwdam of stuwmeer werd aangelegd voor voldoende waterkracht. Vissen kunnen de dam niet passeren en bijvoorbeeld niet bij hun broedgebied komen. In sommige gevallen is dit opgelost met inlaatroosters waar de vissen wel doorheen kunnen, maar voorbij die roosters kunnen ze vermalen worden door de turbines. Met moderne technieken kunnen waterkrachtcentrales ook werken zonder dat een stuwdam of stuwmeer nodig is.


Hydro-elektriciteit in Nederland

Nederland is rijk aan water, en maakt dan ook van oudsher gebruik van waterkracht. Denk maar aan alle watermolens. Op 6 verschillende plaatsen in Nederland vind je ook waterkrachtcentrales. Met een waterkrachtcentrale wordt stromend of vallend water via een turbine en een generator omgezet in elektriciteit. Omdat de hoogteverschillen klein zijn in Nederland , levert waterenergie uit waterkrachtcentrales maar een beperkte bijdrage de totale energieopwekking. Zelfs als we al het rivierwater door waterkrachtcentrales zouden leiden, zou deze waterenergie maar vijf procent opleveren van de landelijk verbruikte elektriciteit.


Hoe lang gebruiken we al hydro-elektriciteit?

Al rond het begin van onze jaartelling hadden de Grieken, Romeinen en Egyptenaren methodes om de kracht van water voor ze te laten werken. Tegenwoordig staan er in het stromingsgebied van de Maas nog ongeveer 450 watermolens, maar tussen 1500 en 1800 waren het er vijf tot tien keer zo veel. De watermolens zijn in de loop der eeuwen steeds ingenieuzer geworden. Toch is het basisprincipe altijd gelijk gebleven: het water drijft een schoepenrad aan, en met die beweging doen we iets nuttigs: waterenergie opwekken.

Hoe is de energieopwekking via water verbeterd?

Heel lang gebruikte men de kracht van water ter plekke. Alleen de manier waarop de watermolens die kracht gebruikten om bijvoorbeeld hout te zagen werd steeds slimmer. Pas in de negentiende eeuw leerde de mens elektriciteit te gebruiken. In 1895 plaatste men turbines bij de Niagarawatervallen om op basis van waterkracht elektrische stroom op te wekken. Sindsdien kunnen we eigenlijk pas spreken van opwekking van energie via water. Dit wordt ook wel hydro-elektriciteit genoemd. Die energie wordt op de ene plaats opgewekt en op een andere plaats gebruikt, op soms wel honderden kilometers afstand van de waterkrachtcentrale.

Wat is de nieuwste verbetering aan energieopwekking via water?

Van oudsher gebruikt de mens de waterkracht van water dat stroomt of valt. Dat zijn min of meer rechtlijnige bewegingen. Recent is bedacht dat je ook energie kunt halen uit draaibewegingen van water. Bij deze techniek stroomt het water langs een aantal cilinders. Rond die cilinders ontstaan wervelingen in het water. Het is mogelijk om uit de energie van die wervelingen elektrische stroom op te wekken. Het grote voordeel van deze techniek is dat het ook veel energie oplevert als het water relatief langzaam stroomt, zoals in de Nederlandse rivieren.