Energie opwekken via water gebeurt al heel lang. Denk maar aan de waterkrachtcentrales in Zwitserland en Noorwegen, en de watermolens in Nederland. Inmiddels zijn de technieken steeds beter geworden. Geven moderne technieken ons meer mogelijkheden om duurzame energie op te wekken via water? We zetten het voor u op een rij.


Hoe lang gebruiken we al de energie van water?

Al rond het begin van onze jaartelling hadden de Grieken, Romeinen en Egyptenaren methodes om de kracht van water voor ze te laten werken. Tegenwoordig staan er in het stromingsgebied van de Maas nog ongeveer 450 watermolens, maar tussen 1500 en 1800 waren het er vijf tot tien keer zo veel. De watermolens zijn in de loop der eeuwen steeds ingenieuzer geworden. Toch is het basisprincipe altijd gelijk gebleven: het water drijft een schoepenrad aan, en met die beweging doen we iets nuttigs.


Hoe is de energieopwekking via water verbeterd?

Heel lang gebruikte men de kracht van water ter plekke. Alleen de manier waarop de watermolens die kracht gebruikten om bijvoorbeeld hout te zagen werd steeds slimmer. Pas in de negentiende eeuw leerde de mens elektriciteit te gebruiken. In 1895 plaatste men turbines bij de Niagarawatervallen om op basis van waterkracht elektrische stroom op te wekken. Sindsdien kunnen we eigenlijk pas spreken van opwekking van energie via water. Dit wordt ook wel hydro-elektriciteit genoemd. Die energie wordt op de ene plaats opgewekt en op een andere plaats gebruikt, op soms wel honderden kilometers afstand van de waterkrachtcentrale.


Wat is de nieuwste verbetering aan energieopwekking via water?

Van oudsher gebruikt de mens de waterkracht van water dat stroomt of valt. Dat zijn min of meer rechtlijnige bewegingen. Recent is bedacht dat je ook energie kunt halen uit draaibewegingen van water. Bij deze techniek stroomt het water langs een aantal cilinders. Rond die cilinders ontstaan wervelingen in het water. Het is mogelijk om uit de energie van die wervelingen elektrische stroom op te wekken. Het grote voordeel van deze techniek is dat het ook veel energie oplevert als het water relatief langzaam stroomt, zoals in de Nederlandse rivieren.